Passage uit mijn roman Scott’s Lacey

Ze liepen het pad af dat de Canyon invoerde en in de verte zag hij een wit hekwerk dat in de vorm van een rechthoek was opgebouwd. Het was duidelijk dat Lacey hier al eens eerder was geweest. Het was een kerkhofje. Er stond een kruisje en er lagen wat grotere stenen die graven markeerden. Ze volgde het hekwerk naar de andere kant en opende daar een poortje waar enkele gekleurde lintjes aan waren geknoopt. Terwijl hij haar naar binnen volgde keek hij of er informatie op de stenen en het kruisje stond. Bij de meeste graven ontbrak de tekst,...

Continue reading...

On the Road Again

In 2010 schreef ik: “Eigenlijk zouden we in Kenia zijn. Kamperend in de Maasai Mara, Tsavo en Amboseli, de wildparken waar we het meest nieuwsgierig naar waren. We hadden er een maand voor uitgetrokken, dus hadden we genoeg tijd om alles ook meteen goed te doen. Tent mee. Pannen, borden en bestek mee. Speciale hoofdlantaarns gekocht. Research gedaan. 4-Weeldrive uitgezocht. Prijzen vergeleken. Injecties voor Gele Koorts en DTP gehaald bij het Academisch Medisch Centrum. Malerone meegekregen om de malaria te bestrijden. Tickets besteld. Visum geregeld. Een extra creditcard genomen omdat er op bepaalde plaatsen alleen maar met Visa geld uit...

Continue reading...

Lezing: Indië-herdenking

Afgelopen vrijdag, 15 augustus 2014 te Weesp, is voor de tweede keer een Indië-herdenking in Weesp gehouden. Inderdaad, pas voor de tweede keer. Tot dit jaar was bij mij de focus gericht op de herdenkingen in de grote steden en bij de belangrijkste monumenten, en ik denk dat dat ook zo was bij vele andere Weesper Indische Nederlanders. Je ontwikkelt dan een soort tunnelvisie en vergeet dat Weesp zijn eigen herdenking hoort te hebben. Eric Hage en Frida Bodisco beseften dat en organiseerden vorig jaar de eerste editie. Omdat de herdenking van 2013 een succes was, besloten ze dat er...

Continue reading...

Er was nauwelijks wind

Dit stukje schreef ik oktober 2009, naar aanleiding van een van de bezoekjes die we wekelijks brachten aan tante Yola Kouthoofd. Ze lag in ‘het Zonnehuis’ een verpleeghuis in Amstelveen. “Dag tante, hoe gaat het nu met u?” Zoals gewoonlijk werden we weer met een glimlach begroet. Alleen was het deze keer een nauwelijks waarneembare. We waren bij tante Yola op bezoek en toen bleek dat ze al een paar dagen koorts had. Ze lag in bed en zag er slecht uit. Ze had rode wangen van de koorts en haar voorhoofd gloeide. Nauwelijks verstaanbaar zei ze met een trillende...

Continue reading...