Krancher

Koetilan

Aan de buitenmuur bij de keuken van onze bovenwoning in Amsterdam hingen de kooien van de Teroetjoek en de Koetilan. Als ik aan onze woning in Amsterdam denk, dan denk ik ook altijd aan deze twee vogels. Maar ook als ik onze familiegeschiedenis bekijk en denk aan het leven van mijn overgrootvader in Pasoeroean en Probolinggo, dan zie ik altijd vogelkooien. Opgehangen aan de overkapping van het terras. Op het terras staat dan zo’n typisch koloniaal tafeltje met gemakkelijk zittende stoelen. En op het tafeltje staan de glazen met cognac, waar af en toe uit wordt genipt. Uiteraard zitten in...

Continue reading...

Vijftig lomboks

Behalve met z’n duiven was m’n vader ook druk in de weer in z’n mini-moestuintje. Voor en achter het duivenhok groeiden de groentes die hij aan het begin van het seizoen had gezaaid. Hij was overdag dan ook bijna altijd in de achtertuin of in de schuur bezig. In de schuur waren de kooien met goulds en rijstvogels. Daar stonden ook de vaten met het vogelvoer. Ook het voer voor de postduiven en de twee perkoetoets. Die twee sierduifjes heeft m’n vader ooit het land laten binnensmokkelen. Twee doosjes met in elk een duifje werden door oma Em onder de jurk...

Continue reading...

We’ll meet again

Hoi ‘capo di capi’ zeiden we tegen tante Stien. “Hoe gaat het met u?” “Goed hoor! Maar ik ben wel erg moe!” “Hoezo dat,” vroegen we haar. “Ik heb de hele nacht gedanst!” schaterde ze. Met haar donkere zonnebril op zat ze in het midden van de kamer. Een meter verwijderd van het bureau waar al haar belangrijke zaken werden geregeld. Het bureau dat tegelijkertijd zicht bood op de straat. Zittend aan het bureau kon ze de buitenwereld in de gaten houden. “Het is al twee uur, waar blijven ze? Als ze maar voorzichtig zijn.” Kwart voor drie kwamen we...

Continue reading...

Oom Alex

Mijn oom Alex is dood. Z’n adem ging van zwaar naar licht en daarna naar niets. Hij werd zevenentachtig jaar. Net geen achtentachtig. Dat had een stuk mooier geklonken. Maar ja, oom Alex probeerde altijd alles net even anders te doen. Dus ook nu weer. Geen achtentachtig, maar zevenentachtig. Van zwaar naar licht naar niets. Mijn schoonvader ging ook op die manier van hier naar daar. Uit als een nachtkaars. Geen beweging meer waar te nemen. Wel een warm voorhoofd, waar je nog een kus op kon drukken, maar geen beweging meer in het lichaam. Ik kon oom Alex, na...

Continue reading...

Professor

De messen waren geslepen. Met touwtjes werden ze nauwkeurig aan de poot gebonden. De hanen waren ongeduldig. Ze wilden steeds losbreken en de ander te lijf gaan. De messen zijn tien centimeter lang en zijn van blinkend staal. Vlijmscherp staal.

Continue reading...